Sleutelaar bouwt Vredo VT3936-zelfrijder om tot overlaadwagen
Wouter Verhulst vatte het plan op om een Vredo met breedstrooier te kopen, die ook als zelfrijdende hooglosser te gebruiken en zichzelf daarmee te verhuren. Nou, dat plan escaleerde. Want in zes maanden tijd is hij ineens drie Tracs rijker. Daarvan bouwde hij er één om tot een heuse hooglosser.
Maar liefst drie Vredo-zelfrijders kocht Wouter Verhulst in Stabroek (B) in een tijdsbestek van zes maanden. Het idee om voor zichzelf te beginnen met strooien en overladen in loonwerk escaleerde enigszins, kun je stellen. “Sommigen zeggen: ge zijt zot”, vertelt de Belg met een lach. “Ik koop liever eerst een machine en zoek er daarna werk voor”, legt hij uit.
Dat Verhulst niet terugdeinst voor een uitdaging, blijkt wel als hij de deuren opent van de 100 meter lange stal waar tot voor kort 750 rosékalveren liepen. De stal is nu opslag en werkplaats. In de hoek staat een gedemonteerde Fendt 828 te wachten op een motorrevisie. Ondertussen vertelt Wouter hoe hij de spanten eigenhandig laste en de betonwanden zelf goot.
Er is veel te zien, maar we zijn er voor zijn meest recente sleutelproject: een Vredo 3936-zelfrijder, omgebouwd tot overlaadwagen. Achterop ligt een bekende hooglosser, een Areco, gebouwd door Berkers Techniek (BLW). Deze is jarenlang bij landbouwbedrijf ERF in Flevoland (Fl.) gebruikt op een rupsonderstel. Voor de trouwe TREKKER-lezers: in 2015 schreven we over de hooglossers, toen ze nieuw waren.
Lees verder onder foto’s en kader

Drie Tracs in zes maanden
Om bij het begin te beginnen: Verhulst kocht een Vredo VT4556 uit 2005 met 5.000 draaiuren, met een breedstrooieropbouw, om zichzelf daarmee te verhuren. “Die wilde ik ook gebruiken als overlaadwagen.” Voor een juiste gewichtsverdeling moet de bak in het midden van het chassis liggen, dus moest de cabine naar voren. “Maar ik vond de machine eigenlijk te jong om aan te passen. En als ik ‘m zou aanpassen, zou de strooier weer te kort zijn”, legt Wouter uit.
Ondertussen kocht de Belgische sleutelaar op een veiling twee Areco-hooglossers op rupsonderstellen, waarvan één uitgerust met aftakasdoorvoer en een Tebbe-breedstrooier. Die hebben volgens hem één nadeel: de bakbreedte is 230 centimeter omdat de liftconstructie aan de buitenkant zit. Wouter: “Een 3 meter brede bak was misschien mooier geweest.” Maar eigenlijk zocht hij een tweedehands drie-assige Vredo Trac. De gewichtsverdeling zou dan meteen in orde zijn, zonder de Trac aan te hoeven passen. Maar helaas: een goede occasion was niet te vinden. Als concessie kwam er een VT3936 uit 2008 uit Denemarken met 12.000 draaiuren om als basis te dienen voor de zelfrijdende overlaadwagen.
Nou wil het toeval dat, terwijl de Deense Trac in de werkplaats al uit elkaar lag alsof-ie geëxplodeerd was, Wouters telefoon rinkelde met de melding dat er ineens wél een drie-assige Vredo mét strooieropbouw te koop kwam in Duitsland. “Die bleek ontzettend goed onderhouden. Zo’n kans krijg je nooit weer. Temeer omdat er maar één van is gebouwd met strooieropbouw”, vertelt de Belg. En zo arriveerde ook een VT7028 uit 2018 met 8.500 draaiuren. In nog geen zes maanden tijd stijgt de teller van nul naar drie Tracs in de voormalige koeienstal.

Wielkasten het moeilijkst
Goed, terug naar het sleutelproject. “Het belangrijkste vind ik dat de gewichtsverdeling klopt”, begint Wouter. “Dat betekent dat de 25-kuubs hooglosser midden op het chassis moet staan. Dus moest de cabine 2 meter naar voren.” In de ruime loods parkeerden Wouter en zijn vader de Trac eens voor de hooglosser, dan eens naast de hooglosser – en zo raakten zij aan het meten. De cabine hielden ze er eens met een heftruck voor.

De mannen schakelden wel een 3D-tekenaar in om te helpen, maar nog voordat die iets kon verrichten, hadden de sleutelaars al een slijptol en lasapparaat in de handen. “Het moeilijkste was eigenlijk om te bepalen hoeveel ruimte ik moest vrijhouden voor de pendelweg van de assen en de stuuruitslag van de wielen”, blikt Verhulst terug.

De mannen lasten een 400 millimeter H-balk voor aan het chassis, geschoord naar beneden toe. Daar staat de cabine op. “We hebben de H-balk aan de zijkanten dichtgelast, omdat toch bleek dat door het gewicht van de cabine deze zijdelings wat deinde,” vertelt Wouter. Ook had hij eerst het idee om er een hydraulische cabinevering op te bouwen, maar omdat de cabine zo’n 2 meter vóór de vooras uitsteekt en de banden behoorlijk veren, blijkt dat helemaal niet noodzakelijk. Tegelijk reviseerde Wouter de Trac deels: een stuurcilinder bleek lek en hij voorzag de machine van nieuwe wiellagers en een paar remmen.

Wouter verplaatste ook de dieseltank naar voren. Dat heeft twee voordelen: het komt de gewichtsverdeling ten goede, en zorgt dat motor en aandrijving beter toegankelijk zijn. Op de weegbrug blijkt dat de gewichtsverdeling behoorlijk klopt: van de ruim 21 ton totaal rust er met een lege bak 500 kilo meer op de achteras dan voor.

Extra steunen bijgemaakt
De hooglossers zijn ongezien gekocht, maar bleken in prima staat. “De spanners voor de bodemketting waren voor zover ik kon zien amper aangedraaid en de slijtdelen nog prima”, oordeelt Wouter. De hooglosseropbouw steunt normaal aan de voor- en achterzijde op twistlocks. Daartoe laste de sleutelaar twee forse steunen van 15 tot 20 millimeter dik staal met vooral driehoekvormen in elkaar. Voor de zekerheid laste hij ook twee extra steunen in het midden van de bakopbouw.
De Trac heeft ruim voldoende hydraulische functies om de hooglosser aan te drijven. De Belg heeft wel alle kabels met 2 meter moeten verlengen, vanwege het verplaatsen van de cabine. “Achteraf had ik beter eerst kunnen checken welke functies ik wel en niet zou gebruiken. Nu heb ik alles verlengd, terwijl ik lang niet alles nodig blijk te hebben.”

Achterschot aangepast
Ten slotte paste hij de achterklep aan. Het hydraulische achterschot zat ruwweg 1 meter vóór het eind van de bak, dat heeft hij nu helemaal aan het eind geplaatst. “Mijn idee: als een kipper vol raakt en je hebt de hooglosser nog halfvol, dan kun je het achterschot dichtgooien en rolt er niets uit”, legt Wouter uit. Hij denkt er nog over na om een reinigingsset achter op de bak te bouwen. Nu kan hij 5 meter hoog lossen, en de bak steekt ongeveer 1 meter over.
De vuurdoop van de nieuwe creatie laat waarschijnlijk nog een paar maanden op zich wachten, tot het nieuwe oogstseizoen begint. Want toen het sleutelproject praktisch klaar was, liep de oogst op z’n eind. De dag dat Wouter wilde gaan testen, bleek de waterpomp van de Trac lek. Goed, nu heeft de sleutelaar een halfjaar de tijd om klanten en partners te zoeken, zowel voor het overladen als voor het strooien, want er is ineens ontzettend veel capaciteit in huis.
Gerelateerde tags: Mestmachines, Transportwagens, Vredo, werkplaats