Terug naar nieuwsoverzicht

Taakkaart maken: eenvoudig wint

Welke software kies je als je een taakkaart wilt maken? Uit onze eerste praktijktest blijkt dat veel mogelijkheden leiden tot minder gebruiksgemak en minder intuïtieve bediening. Geld speelt een belangrijke rol als de testers een keuze moeten maken.

Eind februari organiseerde vakblad TREKKER een test van verschillende softwarepakketten waarmee je een taakkaart kunt maken. Zowel ervaren als onervaren praktijkgebruikers traden op als tester: twee akkerbouwers, een bollenteler en een loonwerker kregen de kans om vijf verschillende typen taakkaartsoftware te testen. Met iedere software kregen ze maximaal 30 minuten om een taakkaart voor een kunstmest bijbemesting te maken en in te lezen in één van de aanwezige terminals. Lukt het om op basis van een biomassa perceelskaart van een satelliet- of dronebeeld of met een bodempotentiekaart een taakkaart te maken? En is dat eenvoudig of juist ingewikkeld? Wat valt op tussen de verschillende typen software en welke software heeft na de test jouw voorkeur? En verandert die voorkeur als je weet wat de kosten zijn? Accepteert de machine-terminal de taakkaart ook? Vooral dat laatste gaat in de praktijk vaak de eerste keer mis. ‘Plug en pray’ is een uitspraak die in dit verband nog wel eens gedaan wordt. Tijdens de test waren er (Isobus) terminals van Amazone, Kverneland en Trimble om de gemaakte taakkaarten in te lezen. Naast de testers gaf ook Koen van Boheemen, onderzoeker Precisielandbouw & Agro Robotica aan Wageningen University & Research, zijn mening en advies.

5 software, 3 categorieën

TREKKER nodigde de aanbieders van in totaal tien typen software uit voor deelname aan de allereerste taakkaartest ooit. Vijf aanbieders gingen daarop in:

• Vantage Agrometius met Taakkaart.nl

• WUR met Akkerweb

• Dacom met Cloudfarm

• Kverneland Group met My Data Plant

• Van Iperen met het TT+-concept

Taakkaart.nl wordt vermarkt door Vantage Agrometius en is een eenvoudige online toepassing die twee jaar geleden is geïntroduceerd. Het maakt gebruik van het Zweedse CropSAT-portaal. Tegenwoordig kun je in Taakkaart.nl tegen betaling meer dan alleen taakkaarten maken, maar de basis is en blijft de gratis taakkaartengenerator voor variabele loofdoding of stikstofbemesting.

Akkerweb is ontwikkeld door WUR en Agrifirm, met als basis een online platform waarop je via verschillende (betaalde) apps diverse precisielandbouwtoepassingen kunt doen. Waaronder het maken van taakkaarten voor (bij) bemesting op basis van satellietbeelden. De ontwikkelaars integreerden voor elke toepassing agronomische kennis waardoor het vaak wat langer duurt voordat nieuwe toepassingen beschikbaar zijn. Zo is de Nbs3-bijbemestapp alleen beschikbaar voor aardappelen.

Dacom ontwikkelde Cloudfarm nadat het veel leerde van de ontwikkeling van de voorloper, het Boer&Bunder-platform. De basis is de bekende Dacom-teeltregistratiesoftware en dat zie je terug doordat je eerst een (demo) boerderij en bij voorkeur ook machines aan moet maken. Dat is betrekkelijk eenvoudig en je kunt deze gegevens ook importeren. Dat geldt ook voor perceelsgrenzen uit de Gecombineerde opgave. Onder machinedata worden ook AB-lijnen verstaan en die kun je (momenteel) inladen in Agco-trekkers, Trimble en Topcon (Esri Shape) en Raven/SBG (Google kml).

Kverneland Group kondigde tijdens de afgelopen Agritechnica een samenwerking aan met de Duitse Kleffmann Group, de ontwikkelaar van My Data Plant. Dit houdt in dat je via het Isomatch FarmCentre toegang hebt tot de taakkaartgenerator die werkt met satellietbeelden. Je kunt Google kml, Esri Shape of Isobus Isoxml bestanden importeren.

TT+ is een teeltadviesconcept van Van Iperen, met als doel om met behulp van precisielandbouw een meeropbrengst in de hoogst renderende gewassen te behalen. Van Iperen koos hiervoor het Schotse KORE-softwareplatform als basis. Er zijn overigens ook andere aanbieders van dit platform in Nederland. Het platform is voor TT+ aangepast met een aantal specifieke functies ten behoeve van gebruiksvriendelijkheid en het onderliggende teeltadviesconcept.

Veelal satellietbeelden als basis

Met uitzondering van TT+, maakten alle software tijdens de test gebruik van biomassakaarten afkomstig van de Europese Sentinel-2 satellieten. Sinds de lancering ervan in 2015 en 2017 maken deze elke vijf dagen hoge resolutie multispectraal opnames met een resolutie van 10×10 meter. Bovendien zijn de (onbewerkte en ongefilterde) beelden gratis. Ideaal dus om de stand van je gewas mee te bepalen en een bijbemestingskaart mee te maken. Wel kan bewolking roet in het eten gooien. Dan mis je zomaar veertien dagen aan bruikbare satellietbeelden en dat is lastig in het groeiseizoen. Van Iperen maakt op basis van openbare brondata, waaronder satellietbeelden en hoogtekaarten, een zogenoemde bodempotentiekaart die als basis voor een taakkaart dient. Taakkaart.nl en My Data Plant gebruiken enkel satellietbeelden, terwijl je in Akkerweb en Cloudfarm ook andere input, zoals hoogtekaarten, kunt gebruiken. Expert Koen van Boheemen spreekt dan ook van drie categorieën software (zie kader Koen van Boheemen).

Eenvoud (en prijs) wint

Snelheid en eenvoud blijken doorslaggevend voor het maken van een taakkaart voor een kunstmest bijbemesting. Zowel uit de waarderingen van de testers als uit de keuze die ze uit kostenoogpunt maken, blijkt dat eenvoud wint. De eenvoudigste (en gratis) software zonder ingebouwde agronomische kennis, Taakkaart.nl, wint het van de softwarepakketten die meer kunnen en daardoor vaak ook complexer en duurder zijn. Voor meer gecompliceerde toepassingen, zoals bodemherbiciden, prefereren ze Cloudfarm en TT+ het vaakst.

De testers beoordelen Taakkaart.nl met het hoogste gemiddelde eindcijfer, een 8,1. Het feit dat de toepassing gratis is, speelt daarbij een rol. De beperkte stappen én mogelijkheden zijn hierbij ook belangrijk.

Taakkaart.nl scoort het best op gebruiksgemak, intuïtiviteit en snelheid en het laagst op beschikbare mogelijkheden. Hierdoor is het een toepassing voor beginners of voor ‘erbij’.

In de toepassing navigeer je via de Google-maps achtergrond naar het perceel waarvan je een satellietbeeld wilt downloaden. Daarvan teken je de perceelsgrens in, of je laadt de grens in vanuit Gecombineerde opgave (RVO). Dan download en kies je de datum van het satellietbeeld naar keuze. Zie je niets? Dan was er te veel bewolking en kies je een andere datum. Vervolgens kies je een raster- of gridgrootte. Elk vakje kan een verschillende dosering bevatten. Ben je ingelogd, dan kun je tot 10×10 m gaan. Anders niet kleiner dan 20×20 m. Daarna vul je naar eigen inzicht, per biomassa index, in hoeveel zuivere stikstof je wilt toedienen. Er is geen agronomische kennis beschikbaar in de toepassing. Het grid kun je niet draaien naargelang de oriëntatie van je perceel en je kunt geen AB-lijnen of spuitpaden inladen of -tekenen. Kostenloos gemaakte taakkaarten blijven niet behouden.

Je kunt er taakkaarten mee exporteren voor Trimble, John Deere, Kverneland/Vicon, Yara, Müller en als Esri Shape- en JPEG-bestanden. Heb je draadloze Trimble-communicatie, dan kun je de taakkaart ook draadloos naar je terminal versturen.

plussen en minnen
+ eenvoudig en snel

+ snel te doorgronden

– beperkte mogelijkheden

– testers wensen toch handleiding

Akkerweb maakt een goede, beknopte handleiding en de expert van Akkerweb liet hen als enige zoveel mogelijk hun eigen gang gaan (wat ook de opdracht was). Had hij net als bij de andere software meer hulp geboden, dan had Akkerweb volgens de testers een hoger eindcijfer dan een 7,0 kunnen behalen. Het programma scoort gemiddeld op alle criteria en gedeeld het hoogst op eindresultaat.

Akkerweb is gratis maar voor applicaties met agronomische kennis betaal je. Voor de Nbs3-bijbemestapp betaal je € 5/ha wanneer je een taakkaart daadwerkelijk download.

Allereerst zoek je via de Bouwplanapp je perceel op. Dan kies je voor aardappelen en vervolgens voor een ras en pootdatum. Die pootdatum is belangrijk, omdat het achterliggende groeimodel gebruikt wordt voor de benodigde hoeveelheid stikstof. Dan ga je naar de Nbs3-bijbemestapp waar je kiest met welke machine je wilt bemesten, met welke werkbreedte en met welke gridgrootte. Hier kun je ook kiezen voor een veldspuit met PWM-techniek en individuele dopafsluiting! Dan selecteer je het bewuste perceel en kies je voor biomassa indices WENR (Wageningen Environmental Research), of Neo WDVI. Als er bij een datum geen satellietbeeld beschikbaar is (bewolking), dan krijg je een waarschuwing in de vorm van een roze beeld. Vervolgens berekent het adviesmodel op basis van de doelopbrengst een stikstof bijbemestingsadvies voor je. Je kunt AB-lijnen (rijrichting) intekenen, maar geen kopakkers. Je kunt de gemaakte taakkaart exporteren in een Esri Shape-formaat en in Isobus Isoxml-formaat.

plussen en minnen

+ goede en beknopte handleiding

+ koppeling werkbreedte

– alleen voor aardappelen

– vergt gewenning

Cloudfarm is bedoeld als eenvoudige toepassing waarmee je direct moet kunnen beginnen. Ook als je onervaren bent. Dat is volgens de testers echter in beperkte mate gelukt. Zij geven Cloudfarm de laagste score als het gaat om gebruiksgemak en intuïtiviteit. Dat komt deels door het gemis van een handleiding, maar vooral door de vele mogelijkheden. De testers geven gemiddeld een 7,1 als eindcijfer. Cloudfarm kost € 300 per jaar (tot 300 ha), aanvullend € 1/ha per jaar. Daarnaast heb je een abonnement op teeltregistratie nodig.

Als basis voor je taakkaart kun je kiezen uit satellietbeelden, grondsoorten- en hoogtekaarten, gewasrotatiekaarten, luchtfoto’s en Boer&Bunder-lagen. Ook kun je databestanden van dronevluchten inlezen. Vervolgens is de volgorde wat anders dan in de andere geteste software. Je kiest namelijk eerst een bewerking en een kunstmestsoort en daarna maak je een taakkaart. Hierbij stelt de software automatisch kunstmestdoseringen voor aan de hand van de aanwezige variatie op de gekozen basiskaart (de hoogtekaart bijvoorbeeld). Vervolgens kun je elke gewenste gridgrootte kiezen, je kunt het grid roteren (pluspunt) en je kunt aangeven of je met kopakkers werkt. Standaard ligt het grid en dus de bewerkingsrichting/AB-lijn parallel aan de langste rechte zijde. De gemaakte taakkaart kun je downloaden als Esri Shape- of Isobus Isoxml-bestand. Je kunt ook meerdere (bestaande) Isoxml-taakkaarten tegelijkertijd downloaden. Met het Cloudfarm-abonnement kun je taakkaart(en) ook draadloos naar je Fendt, John Deere-, Massey Ferguson- of Valtra-trekker versturen.

plussen en minnen

+ veel (andere) mogelijkheden

+ koppeling teeltregistratie

– kost tijd om te doorgronden

– testers wensen toch handleiding

Ook Kverneland/Kleffmann streeft naar eenvoud. De software is gebruiksvriendelijk en intuïtief. Het biedt volgens de testers na Cloudfarm en TT+ de meeste mogelijkheden en tegelijk het beste eindresultaat; het krijgt een 7,7 als eindcijfer. Je betaalt € 4/ha per jaar voor de satellietbeelden en € 2/ha per jaar per taakkaart. Het eerste jaar krijg je 25 hectare gratis.

Allereerst maak je of importeer je een perceel en dan kies je één van de beschikbare satellietbeelden die je als basis wilt gebruiken. Praktisch is dat je een voorvertoning van elk satellietbeeld ziet met de vitaliteit van het gewas en het percentage bewolking. Ook zie je een tijdlijn met de gewasvitaliteit. Na de keuze voor een satellietbeeld, kun je een taakkaart aanmaken voor kunstmest strooien, gewasbescherming en zaaien. Dat kan alleen als dat perceel in je (proef) abonnement zit. Daarvoor kies of maak je in ons geval eerst een kunstmestsoort en dan kies je je bemestingsstrategie. Wil je bijvoorbeeld minder goede delen minder of juist meer bemesten? Dan kies je de variatie (bijvoorbeeld -/+ 10%) en geef je de ondergrens qua gewasvitaliteit aan. Is het gewas minder vitaal dan die waarde, dan wordt daar niet (bij)bemest. Hierna kies je het aantal zones waarbij de software zelf een basisvoorstel doet en tips geeft. Indien gewenst pas je de doseringen aan. Een gridgroottekeuze of -orientatie is niet aan de orde. Exporteren kan via een USB-stick of draadloos naar de Kverneland Tellus. Er is keuze uit exportformaten voor talloze terminals, wat neerkomt op Esri Shape, Isobus Isoxml of Trimble.

plussen en minnen

+ duidelijk en overzichtelijk

+ voorvertoning biomassakaarten

– voor wijziging na maken taakkaart opnieuw beginnen

– dichtheid vloeibare meststoffen achter de komma geeft foutmelding

TT+ moet volgens Van Iperen net zo eenvoudig in gebruik zijn als een smartphone app, want ‘als die niet werkt verwijder je ’m en ga je op zoek naar een alternatief’. Volgens de testers is het bedrijf daar vrij goed in geslaagd. Ze waarderen de mogelijkheden van de software en het concept, met de teeltadviseur op de achtergrond, spreekt hen eveneens aan. Ze geven TT+ een 7,5 als gemiddeld eindcijfer. TT+ kost € 30/ha per jaar voor de actieve hectares. In de praktijk betalen deelnemers tussen € 10 en € 30 per hectare.

In tegenstelling tot de anderen werkt Van Iperen als enige met bodempotentiekaarten. Hiervoor worden data verzameld uit openbare bronnen zoals hoogtekaarten, bodemkaarten en satellietbeelden. Gecombineerd met teeltkundig advies resulteert dit in taakkaarten voor onder andere variabel poten, zaaien en (bij) bemesten. Hierdoor moesten de testers werken met een (vooraf voorbereid) testperceel uit 2018 met een voorgedefinieerd grid. Er werd/wordt geen gebruikgemaakt van gewasindices. Nadat je een minimum en maximum kunstmestgift en een stapgrootte hebt ingevoerd, wordt automatisch een taakkaart gegenereerd met een grid parallel aan de gekozen rijrichting.

De laatste stap is het indienen van de taakkaart aan een adviseur van Van Iperen ter goedkeuring totdat je zelf goedkeurrechten hebt gekregen. Een directe export kan in eerste instantie dus niet. Na goedkeuring kun je exporteren in een Esri Shape- en Isobus Isoxml-formaat.

plussen en minnen

+ stapsgewijs proces dat je begeleidt

+ goed en uitgebreid

– software heeft tijd nodig om (door) te rekenen

– handleiding gewenst

Koen van Boheemen, precisielandbouw-expert die zijn medewerking verleende aan deze test, stelt het volgende:

“Grofweg kunnen we de softwaresystemen indelen in drie categorieën: Taakkaart.nl, Cloudfarm en Kverneland/MyDataPlant vallen in de 1e categorie, waarbij er geen agronomische kennis is ingebouwd. Op basis van het satellietbeeld wordt het perceel opgedeeld in het gewenste aantal zones en per zone moet je als gebruiker zelf bepalen welke dosering je wil toepassen. In de 2e categorie valt TT+, waarbij eenmalig een bodempotentiekaart gemaakt wordt van het perceel. Voor het maken van deze bodempotentiekaart wordt wel degelijk gebruikgemaakt van agronomische kennis, maar de uiteindelijke doseringen in de taakkaart moet je alsnog zelf bepalen. Akkerweb valt in de 3e categorie, waarbij op basis van het satellietbeeld en een groeimodel per zone in het perceel een dosering geadviseerd wordt.

Waar de andere systemen voornamelijk een hulpmiddel zijn om een taakkaart te maken, kun je Akkerweb meer zien als adviessysteem, dat de taakkaart zelf al invult met doseringen. Het grote voordeel hiervan is dat je niet zelf de meetwaardes van de satelliet hoeft te vertalen naar hoeveel stikstof, iets wat volgens mij (bijna) niemand uit het hoofd kan.

Niet onverwacht blijkt het gebruiksgemak af te nemen als de systemen meer bieden, zo bewijst ook deze test. Dit kan ik me goed voorstellen, want de mensen die al wat langer met taakkaarten werken, vragen om meer opties en functies, terwijl de mensen die net starten daardoor al snel verdrinken in de hoeveelheid knopjes en schuifjes in beeld. Dit blijft dus nog even zoeken voor de ontwikkelaars van de verschillende systemen.

Het importeren van een taakkaart in de terminal blijft ook een lastig punt. Taakkaart.nl, Kverneland/MyDataPlant en Cloudfarm bieden de mogelijkheid de taakkaart draadloos naar de terminal te sturen, wat een erg mooie ontwikkeling is. Bij de 1e twee kan dit alleen naar terminals van hun eigen merk, terwijl Cloudfarm koppelingen heeft met een aantal verschillende trekker- en machinemerken. Deze functionaliteiten maken het proces een flink stuk makkelijker.

De testresultaten laten zien dat het maken van een taakkaart snel en betrouwbaar kan. Het ontbreken van een taakkaart is dus geen excuus meer om nog niet met precisielandbouw aan de slag te gaan. Als de ontwikkelingen zo snel bljven gaan als nu, dan belooft dit veel voor de toekomst en kijk ik uit naar een vergelijkbare test over een paar jaar.”

Gerelateerde tags: , ,

Gerelateerde artikelen

Afbeelding artikel

Cemis 700 nieuwe universele Claas-terminal

De Cemis 700 Isobus-terminal vervangt bij Claas de bestaande Operator en Communicator II-modellen. Het gladde, makkelijk schoon te houden oppervlak heeft...
Afbeelding artikel

Aardappelpoter Ceres met Isobus en AVR Connect

AVR ontwikkelde een nieuwe gedragen Ceres-aardappelpootmachine, de vierrijige Ceres 440. Deze is nu Isobus-compatibel en kan communiceren met AVR Connect. De...
Afbeelding artikel

Getest: trekkerbanden van 65 cm breed

De 650/65 R38 bandenmaat is de populairste maat in de trekkermarkt van ongeveer 120 tot 170 pk. Het assortiment banden is...